Metaalhandel Gerrits en de miljoenendwangsom
Metaalhandel Gerrits uit Helmond bevindt zich in een juridische strijd met de provincie over een dwangsom van maximaal een miljoen euro. Deze dwangsom werd opgelegd vanwege het niet tijdig verwijderen van een grote partij shredderresidu, afval dat overblijft na het versnipperen van autowrakken. De dwangsom werd als ‘draconisch’ bestempeld door het bedrijf.
Brandgevaar en milieuoverwegingen
Na twee branden vorig jaar, wilde de provincie dat de 5700 ton shredderresidu zo snel mogelijk werd verwijderd. Er was angst voor nieuwe branden en de schadelijke gevolgen voor het milieu als er regenwater op zou vallen. Gerrits geeft aan dat het bedrijf niet in staat was om het afval zo snel af te voeren, ondanks eerdere toezeggingen.
- De provincie eiste snelle verwijdering van shredderresidu
- Gerrits had moeite het afval bij andere verwerkers kwijt te kunnen
Discussie over de inhoud van de partij
Inmiddels beweert Gerrits dat het shredderresidu volledig is afgevoerd, maar er blijft onenigheid over een resterende partij die volgens de provincie ook tot het residu behoort. Gerrits wil nog metaal uit deze partij winnen, maar de provincie zet druk op het bedrijf om deze partij zo snel mogelijk te verwijderen.
De bestuursrechter vroeg zich af waarom Gerrits in februari al een plan indiende om het afval binnen zes maanden te verwijderen, kort voor de deadline van de provincie. Gerrits verklaart dat het moeilijk was om het afval onder te brengen bij andere bedrijven, hoewel de provincie zegt dat er wel verwerkingscapaciteit was.
Rechtszitting achter gesloten deuren
De behandeling van de dwangsom vond plaats achter gesloten deuren, een ongebruikelijke stap in de rechtspraak. Dit gebeurde omdat er een notulist van een concurrerend bedrijf in de rechtszaal aanwezig was, en Gerrits wilde niet dat deze inzicht kreeg in hun financiële situatie. De rechter besloot daarom de zaak achter gesloten deuren voort te zetten om een eerlijke rechtsgang te waarborgen.
Ondanks de inspanningen van Gerrits om brandgevaar te verminderen door middel van temperatuurmetingen en een 24-uurs brandwacht, blijft de provincie aandringen op snelle verwijdering van de resterende partij. De dwangsom is hoog omdat deze gebaseerd is op de kosten voor verwijdering, welke ruim 800.000 euro bedragen.
