De strijd om de springkussens
Gerard Moonen, een 82-jarige ondernemer uit Haaren en medeoprichter van Moonen Attractieverhuur, is verwikkeld in een juridische strijd met de Nederlandse Voedsel en Warenautoriteit (NVWA). Het geschil draait om meer dan tachtig springkussens die telkens opnieuw afgekeurd worden. Begin februari buigt de hoogste rechter zich over deze zaak.
De problemen begonnen in 2019 toen Moonen 350 tweedehands springkussens kocht van een Belgisch bedrijf. Volgens Moonen waren deze kussens door twee keuringsinstanties goedgekeurd. De NVWA stelt echter dat er geen certificaten aanwezig waren en dat een nieuwe keuring noodzakelijk was.
De keuringskwestie
Moonen wil de springkussens doorverkopen, maar meer dan tachtig hiervan worden afgekeurd. De reden: bij stroomuitval zouden de kussens te snel inzakken, waardoor kinderen bekneld kunnen raken. Moonen vindt deze afkeuring onterecht en heeft besloten naar de rechter te stappen.
- Gerard kocht de springkussens in 2019.
- De kussens werden door eerdere instanties goedgekeurd.
Onafhankelijke keurmeesters
Donderdagochtend heeft Moonen twee onafhankelijke keurmeesters ingeschakeld. In een loods in Haaren stonden twee springkussens opgesteld: een afgekeurde van Moonen en een gehuurd goedgekeurd kussen. De keurmeesters beoordeelden deze kritisch.
Volgens een van de keurmeesters is er geen verstikkingsgevaar bij het kussen van Moonen. “Bij stroomuitval zijn er vier kanten waar de kinderen veilig en snel weg kunnen,” aldus de keurmeester. Het andere kussen, dat wel goedgekeurd was, bleek volgens de keurmeester gebreken te hebben die tot ernstige verwondingen kunnen leiden.
Reactie van de NVWA
De NVWA herkent zich niet in de kritiek van de onafhankelijke keurmeesters. Zij blijven bij hun standpunt dat de springkussens van Moonen onveilig zijn. De instantie wilde graag aanwezig zijn bij de test, maar dit was niet mogelijk. Vanwege het lopende hoger beroep kan de NVWA verder weinig over de zaak kwijt.
De bevindingen van de onafhankelijke keurmeesters worden nu overgedragen aan de advocaat van Moonen. Op 6 februari zullen deze bevindingen worden gepresenteerd bij de Hoge Raad in Den Haag. Moonen zelf blijft hoopvol, maar vraagt zich af wat de rechter met de nieuwe informatie zal doen.
