Algemeen

Waarom katholieken veertig dagen vasten na carnaval in brabant

Het begin van de veertigdagentijd

Met Aswoensdag start voor katholieken de veertigdagentijd: een tijd van vasten en bezinning die voorafgaat aan Pasen. Dit jaar loopt deze periode van 18 februari tot en met 4 april. Maar wat houdt het vasten precies in?

De traditie van vasten is diepgeworteld en vindt zijn oorsprong in het Concilie van Nicea in 325. Tijdens dit concilie werd een periode van feest, gevolgd door vasten, vastgesteld als voorbereiding op Pasen. In de Middeleeuwen waren de regels strikt: overdag werd er niet gegeten, en alleen ’s avonds was een sobere maaltijd toegestaan. Tegenwoordig zijn de voorschriften een stuk milder.

De betekenis van veertig dagen

Waarom precies veertig dagen? De veertigdagentijd verwijst naar de veertig dagen die Jezus volgens het Nieuwe Testament in de woestijn vastte. Ook het volk van Israël zou veertig jaar onderweg zijn geweest naar het Beloofde Land. Binnen de Bijbel staat het getal veertig vaak symbool voor een nieuwe periode.

De vastenperiode begint direct na carnaval. Het woord ‘carnaval’ komt van het Latijnse ‘carne vale’, wat ‘vaarwel vlees’ betekent. “Vroeger hielden dieren winterslaap en was er weinig te jagen,” legt carnavalsprofessor William Feijen uit. “Mensen aten daarom geen vlees meer.”

Koken

Traditie in de moderne tijd

Carnaval, al sinds de Middeleeuwen het laatste moment van uitbundigheid, maakt plaats voor een tijd van soberheid en bezinning. Dat contrast, van feest naar stilte, blijft groot. Vasten betekent jezelf iets ontzeggen, of het nu minder eten is, geen alcohol, geen snoep, geen sociale media of de auto laten staan. Deze persoonlijke keuze wordt een vastenoffer genoemd.

  • Officieel duurt de vastentijd 46 dagen, met zes zondagen die als feestdagen niet meegerekend worden.
  • Katholieken tussen de 18 en 59 jaar vasten met één volledige en twee kleine maaltijden. Gelovigen vanaf 14 jaar eten geen vlees, maar vis mag wel.

Vasten in de huidige samenleving

Het doel van vasten is niet om het lichaam te straffen, maar om geestelijke groei te bevorderen: stilstaan bij je leven, ruimte maken voor God en aandacht hebben voor anderen, bijvoorbeeld via liefdadigheid. Feijen vergelijkt het met de ramadan: “Bij ramadan eet men ook na zonsondergang. De regels voor hen gelden ook voor ons: alles wat minder luxe en klaarstaan voor anderen.”

Vasten mensen nog? “Nee, dat hoor je niet meer,” zegt Feijen, “Ik ken niemand meer die vast.” Toch vindt hij het jammer. “Het is een stuk oud gebruik, maar ik begrijp dat het in de huidige tijd wat vervaagt.” Soberder leven en meer klaarstaan voor anderen, dat blijft echter bestaan.